De race op het gebied van robotica verhevigt, en hoewel China de hardwareproductie domineert – met 87% van de humanoïde robots die daar in 2025 worden geproduceerd – staat Europa voor een aanzienlijke uitdaging om gelijke tred te houden. Recente demonstraties van geavanceerde mensachtige robots in China, zoals die tentoongesteld aan de Duitse bondskanselier Friedrich Merz, benadrukken de kloof in productiviteit en innovatie. Dit gaat niet alleen over esthetiek; het gaat over economisch concurrentievermogen en de toekomst van automatisering.
De omvang van de uitdaging
Momenteel wordt de mondiale markt voor humanoïde robotica geschat op 2 à 3 miljard dollar, met prognoses van 200 miljard dollar in 2035. Ondanks deze groei werden er vorig jaar slechts 13.000 humanoïde robots verkocht, waarbij Unitree en Agibot voorop liepen op het gebied van leveringen. Het echte probleem is niet alleen het aantal robots, maar ook de ongelijkheid in investeringen: Europese startups hebben moeite om financiering veilig te stellen vergeleken met hun Amerikaanse en Chinese tegenhangers. Zoals Rodion Shishkov, oprichter van All3, het verwoordt: “Ik moet vechten voor tientallen miljoenen euro’s, terwijl een vergelijkbaar bedrijf in de VS met dezelfde inspanning miljarden kan binnenhalen.”
Deze onevenwichtigheid reikt verder dan de beschikbaarheid van kapitaal. Functionele robots – robots die zijn ontworpen voor specifieke taken in plaats van humanoïde vormen – ontvangen minder financiering, ondanks dat ze in veel toepassingen efficiënter zijn. Door de focus op mensachtige ontwerpen dreigt spektakel voorrang te krijgen boven praktische bruikbaarheid.
Beyond Humanoids: eerst functioneren
Andrei Danescu, CEO van Dexory, waarschuwt ervoor de robotica-race niet als een ‘schoonheidswedstrijd’ te beschouwen. De sleutel is niet of een robot op twee benen loopt, maar of hij echte problemen oplost. Collaboratieve wapens in fabrieken, autonome logistieke voertuigen en chirurgische assistenten transformeren de industrieën in Europa al, maar deze vooruitgang wordt overschaduwd door de hype rond mensachtige robots.
China’s aanhoudende investeringen in de gehele robotica-stack (hardware, software en productie) vereisen dringende actie van Europa. Zelfgenoegzaamheid is geen optie.
De hindernissen op het gebied van de toeleveringsketen en de regelgeving
Europa behoudt zijn kracht op het gebied van precisietechniek en industriële automatisering, maar momentum is van cruciaal belang. Een groot knelpunt is de veiligheid: het integreren van robots in gevestigde workflows, vooral in sectoren als de bouw, vereist duidelijke regelgevingskaders en veiligheidsnormen die momenteel niet bestaan.
Sam Baker, een investeerder bij Planet A, merkt op dat “er op dit moment niets geschreven staat dat u precies vertelt hoe u het moet doen en hoe uw veiligheidsconcept eruit moet zien.” Bedrijven als BMW experimenteren voorzichtig met mensachtige robots in productielijnen, maar deze proeven zijn eerder verkennend dan gedreven door bewezen ROI.
Het pad voorwaarts
De realiteit is dat Europa waarschijnlijk de strijd om hardware-onafhankelijkheid van China heeft verloren. Er blijven echter kansen op het gebied van intelligentie en data van robotica. Het opbouwen van een roboticabedrijf in Europa betekent nu het opvullen van de ‘witte ruimte’ in software, AI en experimenten, wat kan worden gedaan zonder buitensporige kosten.
Europese toezichthouders moeten prioriteit geven aan het mogelijk maken van snelheid, normen verduidelijken en overheidsinvesteringen leveren die aansluiten bij de strategische ambitie van mondiale concurrenten. De AI Act is een begin, maar robotica vereist gerichte aandacht: beleid, financiering en een duidelijke strategie. Als we niet doortastend optreden, bestaat het risico dat we nog verder achterop raken in deze cruciale technologische race.
De vraag is niet of een robot op twee benen loopt, maar of hij een echt probleem oplost. Europa moet zich concentreren op functie boven vorm om concurrerend te blijven.























